Inmiddels heb ik Elmina en Cape Coast achter me gelaten. In Elmina zaten de Hollanders, in Cape Coast de Engelsen. Hun geschiedenis hier is inmiddels gereduceerd tot die van de massale slavenhandel overzee. Ik ben in de kastelen van beide steden rondgeleid. De gruwelen werden breed uitgemeten.
De gids in Cape Coast vertelde zijn verhaal met veel pathos en rollende ogen, zich daarbij herhaaldelijk tot het opperwezen wendend.
We liepen door de kelders waar de slaven waren ondergebracht tot het volgende schip met bestemming Amerika langs zou komen. Als het zover was, werden de slaven vanuit de kelders naar een 'door of no return' gejaagd, waarna direct inscheping volgde.
Een nogal lugubere mededeling betrof de keldervloer. Die bestond uit een organische laag van ingedikte menselijke uitwerpselen. De laag was een centimeter of vijf dik. Als je daar bovenop staat, onderga je de geschiedenis toch anders dan in een archief.
Een vreemd soort beklemming bekroop me in Elmina. De gids daar was de meester van het onuitgesproken verwijt. Mijn onbehagen werd kennelijk gedeeld door een Duitse jongen, die de one-manshow onderbrak. "Er zullen toch ook wel Afrikanen zijn geweest die goed aan deze handel verdiend hebben?", vroeg hij. Deze retorische vraag bracht de gids ietwat van zijn stuk.
22 februari
Een assertieve Duitser. Maar het beeld is weel heel indringend...
BeantwoordenVerwijderen